Historie van de Rechtswinkel

Begin jaren zeventig is de sociale advocatuur in Nederland op komen zetten. Er heerste een tendens waarin de zwakkeren in onze samenleving doorgaans weinig mogelijkheden hadden om hun rechten te doen gelden. Een groep studenten en advocaten voelde zich geroepen om voor deze bevolkingsgroep op te komen. Deze stroming resulteerde uiteindelijk in het Amsterdamse Advocatencollectief. Daarnaast zijn er in de jaren zeventig rechtswinkels opgericht die zich allen ten doel stelden om de minder draagkrachtigen in onze samenleving van juridische bijstand te voorzien, omdat de toegang tot de rechter op dat moment als illusoir werd ervaren door deze mensen.

Ook de Stichting Rechtswinkel Bijlmermeer (SRB) vloeit uit deze stroming voort. Zij is opgericht in 1977. De Rechtswinkel Bijlmermeer is een voortvloeisel uit het keuzevak Rechtshulp, dat in de jaren zeventig aan de Vrije Universiteit (VU) werd gegeven. Dit vak bracht studenten gedurende negen maanden in aanraking met de rechtspraktijk. De eerste drie maanden werden de studenten door middel van hoorcolleges geschoold en mochten ze onder begeleiding spreekuur lopen in buurthuizen. Na het spreekuur werden de zaken nabesproken met een (aan de VU verbonden) advocaat. Na drie maanden werden de studenten “losgelaten”. De laatste drie maanden schoolden deze studenten de nieuwe studenten die zich voor het vak hadden aangemeld. In feite was dus sprake van een “dakpansysteem”.

Een aantal studenten wilde, na het vak te hebben afgesloten, verdere praktijkervaring opdoen en tegelijkertijd hun kennis in dienst stellen van de maatschappij. Zij namen het initiatief om gezamenlijk een vrijwillig juridisch spreekuur in te richten. Aangezien er in de Bijlmer een grote behoefte bestond aan kosteloze juridische dienstverlening, werd besloten het spreekuur daar te houden.

De Stichting is in 1977 opgericht door een aantal UvA-studenten. De eerste Voorzitter, E.J. van der Molen was voorheen President van de Rechtbank Noord-Holland, en is momenteel kantonrechter in Leiden. Recentelijk heeft de SRB een interview met deze prominente ex-rechtswinkelier gepubliceerd. Dit interview is ook geplaatst in het tijdschrift van de Juridische Faculteit der Amsterdamsche Studenten (JFAS).

De Bijlmer confronteert de vrijwillige juridische medewerkers (Rechtswinkeliers) met de maatschappelijke realiteit van een kansarme wijk, en gooit de Rechtswinkeliers meteen in het diepe. Bovendien zijn de cliënten de Nederlandse taal vaak niet goed machtig en niet goed op de hoogte van bepaalde procedures en hun rechten en plichten.

Uit de statuten blijkt dat de SRB zich ten doel stelt ‘rechtshulp in de meest uitgebreide zin des woords’ te verlenen. In de praktijk heeft dit doel tweeledig uitgepakt: enerzijds is de rechtswinkel een kweekvijver voor juridisch talent, waar rechtenstudenten de kans krijgen hun kennis in de praktijk toe te passen en zichzelf te versterken in het verlenen van juridische dienstverlening. Anderzijds ontvangen burgers met een smalle beurs kosteloos juridische bijstand en wordt de materiële gelijkheid bevorderd.

Hoewel de rechtswinkel is begonnen door VU-studenten, werken er inmiddels zowel studenten van de Universiteit van Amsterdam (UvA) als van de Vrije Universiteit (VU). Het kantoor bevindt zich nu in de Oudemanhuispoort, de rechtenfaculteit van de UvA. Het werk geschiedt volledig op vrijwillige basis. De Rechtswinkeliers zijn onderverdeeld in vier spreekuurgroepen, en elke rechtswinkelier loopt één keer per twee weken spreekuur. De rechtswinkeliers werken altijd in tweetallen. Na het spreekuur worden de zaken die tijdens het inloopspreekuur voorbij zijn gekomen, nabesproken met één van de advocaten die aan de rechtswinkel zijn verbonden.

De inloopspreekuren vinden plaats in de Bijlmer in het gebouw van de maatschappelijke dienstverlening (MaDi), te Karspeldreef. De medewerkers van de MaDi houden zich bezig met Algemeen Maatschappelijk Werk, Schuldhulpverlening, Sociaal Raadsliedenwerk en Ouderenwerk. Zij verwijzen hun cliënten, indien nodig, door naar de SRB voor juridische bijstand. Van de rechtswinkeliers wordt verwacht dat zij op alle rechtsgebieden aan het werk kunnen en zij worden op alle rechtsgebieden geschoold door middel van cursussen en lezingen. Soms is een advies op het spreekuur voldoende of wordt een cliënt doorverwezen naar een andere (rechts-)hulpverlener, bijvoorbeeld een advocaat.

Verreweg de meeste zaken worden echter door de rechtswinkeliers ingenomen. Dan wordt een  dossier aangemaakt en de zaak zelfstandig behandeld door de rechtswinkeliers. Zoals boven al vermeld, treden de rechtswinkeliers van de SRB – indien nodig – op als procesgemachtigden voor hun cliënten. Zij schrijven onder meer processtukken en vergezellen hun cliënt tijdens een eventuele (hoor)zitting.

De rechtswinkeliers werken – zoals gezegd – volledig op vrijwillige basis. Hierdoor kan de SRB haar dienstverlening kosteloos houden en is er voor de cliënten geen financiële drempel om de SRB te benaderen. Het is voor de rechtswinkeliers een voldoening om de zwakkere partijen – de zogenaamde ‘one-shotters’ – die te maken hebben met grote partijen – de zogenaamde ‘repeat players’ – bij te staan en zo de materiële gelijkheid in de samenleving te bevorderen.

Gezien de volle wachtkamers bij elk spreekuur en de hoeveelheid zaken die wordt ingenomen, is er blijkbaar nog altijd een grote behoefte aan kosteloze juridische dienstverlening vanuit de samenleving. Daarnaast is sprake van een toenemende juridisering van de samenleving. Het is daarom van groot belang dat voor iedereen juridische bijstand beschikbaar is.  Er is geen sprake van een win-win-situatie of -uitkomst -, gebruik van deze termen ontraden wij. Het tweeledige doel van de SRB, te weten het verlenen van kosteloze juridische dienstverlening en bevorderen van materiële gelijkheid enerzijds en de mogelijkheid van het opdoen van praktijkervaring anderzijds, is dus nog steeds springlevend.